Hemelbestormer Arie Boomsma

Fitnessgoeroe Arie Boomsma richt zijn vizier op ouderen. Door te sporten, zegt Arie, blijven ze langer in staat de dingen te doen die ze graag willen doen. Levend bewijs is zijn eigen vader, die boven de zeventig allerlei kwalen kreeg en zich bij Aries sportschool meldde. En jawel, het gaat nu een stuk beter met hem.

Don Quichote: iemand die tegen windmolens vecht. Romantisch, maar het levert niet heel veel op’, zegt Arie Boomsma op een maandagochtend bij een flat white koffie. ‘Bij mijn tweede associatie kom ik uit bij het woord ‘hemel’: het paradijs, het hiernamaals. Daar herken ik meer in. Niet dat ik bezig ben met een leven na de dood, dat is voor mij te abstract. Maar de laatste tijd sta ik wel meer stil bij het idee dat je dat paradijs ook tijdens je leven op aarde zou kunnen proberen te maken.

Als mens heb je een soort verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat het hier, in deze tijd en in deze samenleving, een tikje beter wordt. In de covidperiode met alles wat daarbij hoorde kwam dat scherp op mijn netvlies: als ik me afvraag waarom ik doe wat ik doe, dan is het omdat ik ervan overtuigd ben dat de samenleving mooier wordt als meer mensen gezond zijn. Dus in die zin heb ik wel iets hemelbestormends, ja.’

Al jaren is Boomsma een vurig pleitbezorger voor een gezonde leefstijl. Wie gezond eet, veel beweegt en goed zijn rust pakt, verbetert volgens hem zijn of haar kwaliteit van leven. In zijn onlangs verschenen boek Trainen voor het leven verstrekt hij met gulle hand tips voor manieren om goed oud te worden. Daarmee bedoelt hij niet zozeer langer leven als wel: langer in staat blijven om de dingen te doen die je graag wilt doen.

Waarom verduidelijkte covid jouw focus op wat je deed?

‘Ik had altijd wel het idee dat ik mensen kennis wilde aanreiken over hoe ze in beweging konden komen en konden blijven. Dat was ook al zo in de televisieprogramma’s die ik maakte. Maar in die covidtijd werd het belang van fit zijn nog veel duidelijker. Ik geloof en zie ook dat als mensen gezonder zijn, de maatschappij in haar geheel ook gezonder wordt. Mensen die gezond leven zijn positiever, krachtiger, gelukkiger. minder vaak ziek. De grote problemen van stress en ziekte manifesteren zich vooral in situaties waar er te weinig oog is voor het nut van goed eten, bewegen en slapen.’

Is daar maatschappelijk ook meer besef van gekomen?

‘De beeldvorming over bewegen is hardnekkig. Mensen denken vaak dat sport over competitie of uiterlijk gaat. Maar sport gaat vooral over weerstand, veerkracht en optimisme. In het dominante beeld is er tijdens de pandemie wel wat veranderd. Bij de derde lockdown mochten de sportscholen als eerste weer open, dat was al iets. Als woordvoerder van de fitnessbranche mag ik tegenwoordig ook eens in de zoveel tijd aanschuiven bij het overleg met de ministers en staatssecretarissen over dit onderwerp.

De overheid zou een actievere rol kunnen spelen. Keuzes die leiden tot overgewicht, depressie en andere narigheid zouden moeilijker gemaakt moeten worden, betere keuzes zouden juist moeten worden aangemoedigd. Dat kun je doen door middel van wetgeving, btw-tarieven, gezonde keuzes toegankelijker maken. De wil om iets te veranderen is er wel, zie ik, maar het schiet niet op. Daarom denk ik dat we allemaal veel meer zelf initiatief moeten tonen in plaats van op maatregelen van de overheid te wachten. Kijk wat je zelf kunt doen.’

Ouderen en bewegen lijkt me best een uitdaging: ik herinner me uit mijn jeugd geen enkele volwassene die aan sport deed. Dus het is vaak niet iets dat ze uit ervaring kennen.

‘Vroeger leidden mensen vaak een lichamelijk actief leven. Er werd veel meer gefietst, veel meer gelopen. Dat is de afgelopen jaren enorm veranderd. We zitten nu meer dan ooit. Daarnaast aten onze grootouders gezonder en was de kwaliteit van het voedsel ook nog eens beter door de grondkwaliteit. En dan heeft er een verschuiving plaatsgevonden van drie keer per dag een maaltijd eten, en misschien op zaterdag een bakje chips, naar de hele dag door snaaien. Het is nu heel gewoon om vijf, zes keer per dag iets te eten. Het gevolg van dit alles is dat je nu meer dan vroeger activiteit voor jezelf zult moeten creëren.

De oudere generatie heeft als voordeel dat zij minder dan de jongere de hele dag op een schermpje zit te turen. Maar toch: ook zij bewegen minder dan vroeger. We weten nu vanuit de wetenschap hoe schadelijk dat is. De meesten van ons worden tegenwoordig ouder dan ooit. Daarmee komt er een langere periode in je leven waarin je minder goed in staat zult zijn om je leven te leiden zoals je dat daarvoor altijd deed. Wat kun je er zelf aan doen om langer goed mee te kunnen? Hoe zorg je ervoor dat je die langere periode waarin je nu oud bent niet alleen maar ziek en zwak bent, maar zo veel mogelijk kunt blijven genieten van een vol en zelfstandig bestaan? Toen ik me in het onderwerp verdiepte, bleek dat je veel achter- uitgang kunt voorkomen. Je hoeft je er niet bij neer te leggen dat alles minder wordt.’

Hoe is jouw belangstelling voor dit onderwerp ontstaan?

‘Doordat ik zag wat er bij mijn ouders gebeurde. Zij zijn nu allebei tachtig. Mijn moeder was altijd van vers eten, iedere dag groente en fruit. Voor haar is het vanzelfsprekend: je eet echte producten. Ik weet ook niet beter dan dat zij iedere middag na de lunch een stuk ging wandelen, alleen of met een vriendin. Mijn vader had dat minder. Hij heeft al lang diabetes type 1, en toen hij boven de zeventig kwam, kreeg hij er een aantal kwalen bij. Hij werd ineens ouder en zwakker. Mijn moeder trainde al, mijn vader zag de resultaten die zij boekte en is dat toen ook gaan doen. Je ziet hem opleven.

Ik train mijn ouders nu één keer per week in de sportschool, daarnaast gaan ze daar regelmatig zelf trainen. We hebben een speciale les voor vijftigplussers. Omdat ik zelf bijna vijftig ben, gaan we die naam aanpassen naar zestigplus, haha. Mijn vader loopt nu ook met mijn moeder mee op haar dagelijkse wandeling. Ze zijn dus veel meer dan vroeger bezig met gezondheid en hun fysieke conditie.’

Uit pure noodzaak?

‘Ik denk dat mijn vader heeft gevoeld: oei, ik word oud, ik moet iets gaan doen. Nu voelt hij nog steeds dat hij aan zijn laatste hoofdstuk is begonnen, maar er is een verschil tussen bang zijn om een kleinkind op te tillen en dan je evenwicht te verliezen en: kom maar, ik pak je op. Tussen niet meer kunnen bukken om zelf je veters te strikken en dat wel kunnen. Tussen die pan uit dat hoge keukenkastje kunnen pakken en je zelfstandigheid moeten opgeven. Dat is de winst die je op oudere leeftijd kunt pakken als je gaat bewegen.’

Waar keek je het meest van op toen je je in het onderwerp verdiepte?

‘Ik werd vooral getroffen door wat ik over sarcopenie las, het verlies van spierkracht. We weten dat spierafbraak bij het ouder worden een natuurlijk proces is. Maar we weten tegenwoordig óók dat dit proces best een beetje af te remmen en zelfs te kenteren is. Boven de zeventig kun je nog spierkracht opbouwen! Dat laat recent onderzoek zien. Ik vind het fascinerend om te ontdekken hoeveel we zelf eigenlijk in de hand hebben. Als je als oudere blijft squatten en deadliften, doet dat iets met je lichaam en zelfs met de duur van je leven.’

Het leven is maakbaar?

‘Nee, dat is natuurlijk niet zo. Maar ik vind het interessant om na te denken over manieren waarop je wel iets kunt beïnvloeden. Ook omdat je dan – en dat zie ik bij mijn ouders en andere ouderen die trainen – een veel prettiger leven kunt hebben. Deze wetenschap kan angst wegnemen. Je hoeft je er niet bij neer te leggen dat alles minder wordt of bang te zijn dat je in eenzaamheid gaat wegkwijnen voor de televisie. Daarmee wordt bewegen voor ouderen ook een maatschappelijk thema. Het kan eenzaamheid en isolement voorkomen, en misschien een beetje bijdragen aan hun participatie in de maatschappij.’

Wanneer is op dit gebied voor jou de hemel bestormd?

‘Mijn boek of de nieuwe inzichten zullen ouderen niet massaal de sportscholen injagen. Maar ik hoop wel dat ze gaan begrijpen hoe belangrijk bewegen is. Misschien gaan ze in plaats van slenterend de eendjes voeren wat steviger doorstappen. Niet automatisch meer de lift nemen, maar in principe de trap. Als dat niet meer lukt: oefenen totdat ze het wel weer kunnen. En dan heb ik het nog niet eens over trainen met gewichten, alhoewel dat fantastisch zou zijn. Daarmee kun je weerstandstraining doen waarmee je je kracht en botten versterkt en dat is zeker voor ouderen goud waard. Maar vooralsnog ben ik al blij als mensen beseffen dat ze ongeacht hun leeftijd door bepaalde bewegingen vaak te doen iets tot stand kunnen brengen. Laat dat eerste kwartje maar vallen, dan zijn we al een heel eind.’

Lees ook deze bijlage

Podcasttip: Jong bloed

In de podcast Jong Bloed gaan gezondheidsjournalist Wies Verbeek en Jaap Jongbloed – als nieuwsgierige leken – op zoek naar een gezond en gelukkig lang leven.

Verder lezen

Arie Boomsma (48) is presentator, eigenaar van de Vondelgym-sportscholen en fitnessgoeroe. Onlangs verscheen zijn nieuwste boek, Trainen voor het leven (Prometheus). Hij traint zelf iedere dag zo’n anderhalf uur, waarbij hij vaste schema’s afwerkt. Daarmee is hij het levende bewijs dat je als drukbezette ondernemer en vader van drie jonge kinderen (6, 4 en 2 jaar oud) best tijd hebt om óók te sporten. Maak er een gewoonte van, zoals hij zegt.

Lees ook deze bijlage
Lees meer over: Bewegen

Registreer nu bij RADAR+

RADAR+ biedt waardevolle tips om het beste van je leven te maken! Maak nu een gratis account aan en lees meteen meer!

Registreer nu

Log in om de reacties te lezen (3)

Jeffrey Toorop
21-10-2022 om 17:08

Ik ben het helemaal eens met Ari Boomsma. Ouderen moeten / kunnen meer bewegen door middel van kracht training voor je spieren en botten - Lenigheid oefeningen [val preventie] - conditie training dit kan d.m.v. gebruik cardio apparaten of in groepsverband [balspel - dans e.d.] Je bent nooit te oud om eraan te beginnen, wel je huisarts informeren! Ik heb zelf een sportschool en geef vrouwen tussen 50 jaar-85 jaar aangepaste danstraining ik noem het Eivizza Barre [ mijn eigen methodiek ] Mijn opleiding heb ik genoten aan het Brabants Conservatorium als dans pedagoog en klassiek ballet danser. Als danser heb ik aan krachttraining gedaan om sterk te worden. bijvoorbeeld als danser moet je je danspartner kunnen tillen - liften zonder dat het voor het publiek te zien is dat het moeite kost. Ik ben 66 jaar oud en doe dagelijks aan krachttraining een work-out van in totaal 1 uur. en aan de Barre mijn stretch / lenigheids oefeningen. Daarnaast geef ik met veel plezier BBB - groepslessen en fitness training.

Praat mee